Kleine meisjes worden groot | Wat bleef altijd?

Hoi allemaal! Eigenlijk grappig dat ik dit aan het uitwerken ben, want de inspiratie of het idee komt ook van een grappige situatie. Ik was mee mijn kleine broertje ophalen van school. Voor we de schoolpoort binnengingen, stond mijn meester van het eerste leerjaar te babbelen met een juffrouw uit school. Mijn meester is allang op pensioen, hij had alle tijd. Ineens riep hij naar mij ‘Amai, jij bent groot geworden!‘. Ik moest lachen toen hij dat zei, maar ik besefte ook dat ik niet meer dan kleine meisje ben uit het eerste leerjaar. En dat er dingen veranderd zijn, maar ook gebleven. Dingen die nog steeds een grote rol in mijn leven spelen. Ik heb het echter niet alleen over het eerste leerjaar trouwens.

  • Wiskunde was niet mijn beste vriend

Ik kan dat wel zeggen van het eerste leerjaar. In het eerste leer je de cijfers schrijven, leer je optellen en aftrekken. Ik had op zich al moeite met de cijfers netjes schrijven, maar ook vond ik wiskunde helemaal niet zo leuk als leren schrijven. Ik kan met mijn hand op het hart zeggen dat ik nog steeds een even grote hekel aan wiskunde heb als toen ik toen had (misschien inmiddels een grotere, aangezien het niet makkelijker is geworden door de jaren heen

  • Knutselen, Nederlands en Frans waren mijn favoriete vakken

Dat ik een crea-bea ben, dat zit er van kinds af aan al in. Dat ik niet altijd tevreden was met wat ik maakte, zit er ook van kinds af aan al in. Ik was vroeger ook helemaal geen ster in tekenen of knutselen, maar dat maakte me toen niks uit. Ik genoot van knutselen en tekenen. En dat het niet altijd perfect was? Daar trok ik me niks van aan. Gelukkig leer ik daar aan te werken. Maar het creatieve gedeelte heeft er altijd al ingezeten en zal ook altijd blijven. Frans en Nederlands (al heet dat helemaal nog niet zo in de eerste jaren van de lagere school) waren ook mijn favoriete vakken. Ook dat is niet veranderd. Mijn Frans is niet perfect, maar ik bedoel eerder dat ik veel liever met taal en lettertjes bezig was, dan met die ellendige sommetjes en cijfers. En kijk, ook dat is nog steeds niet anders.

  • Schrijven deed ik heel graag (en haalde er vaak hele mooie cijfers mee)

Wanneer ik in het lager te horen kreeg dat we moesten schrijven, was ik altijd blij. Mijn fantasie gebruiken in een goed verhaal was iets wat ik heel graag deed. In de proevenweken hadden we ook een proef (eigenlijk zijn dat examens, maar dan in het lager) en dat was werkelijk een proef in een opstel maken. Mijn punten waren altijd vrij hoog, mijn juffrouw of meester was altijd blij als ze het mijne mochten verbeteren. Ook dat is niet anders geweest. Vorig jaar was ik zo blij toen we schrijfopdrachten kregen, en mijn leerkracht Nederlands was altijd in de wolken als ze mijn opdracht las. Ik vind dat natuurlijk supertof om te horen. Maar je ziet ook dat dat niet is veranderd. Schrijven is nog steeds iets wat ik met heel veel plezier en liefde doe. Daarnaast droom ik van een eigen boek.

  • De ‘leesuurtjes’ waren een feestje

Vaak hadden we op woensdag of een andere dag nog wel eens een halfuurtje over waar we mochten lezen. Toen al vond ik lezen heel erg leuk, alleen las ik nog niet aan het tempo dat ik nu doe. Maar dat hoeft ook niet. Lezen is geen wedstrijdje. Thuis las ik heel weinig, omdat we geen boeken hadden die mij aanspraken of leuk leken. Toen we vanaf mijn 12 jaar naar de bibliotheek gingen, kwam daar natuurlijk verandering in!

  • Positief zijn

Ik ben iemand die graag positief in het leven staat. Ik heb wel geleerd dat je niet altijd blij kan zijn of gelukkig, en dat ook verdriet bij het leven hoort. Maar in lastige periodes probeer ik altijd mijn hoofd hoog te houden en er het beste van te maken. Niet dat ik mijn verdriet ga negeren (soms wel trouwens) maar ik probeer sterk te zijn en mezelf voor te houden dat deze periode voorbij gaat. Ook dat is er van klein meisje ingegroeid. Ik werd gepest, waardoor school niet altijd een feestje was. Toch keek ik daar niet achter. Ja, er zijn veel dagen geweest dat ik huilend van school ben thuisgekomen en ik heb vele speeltijden weggerend voor pesters. Maar er was altijd wel iets waar ik naar uitkeek. Er was altijd wel iets om blij voor te zijn. In het eerste of tweede was dat vaak iets simpels zoals dat ik een ijsje mocht halen na school of dat we in het weekend naar de Mc Donalds gingen. Later veranderde dat in dat er bijvoorbeeld een nieuw pakket van The Sims 3 op me lag te wachten. Of dat er een boek waar ik naar uitkeek lag te wachten op me. Dat uitkijken naar het positieve, heeft er altijd wel ingezeten. En het heeft me ook altijd geholpen en zelfs overeind gehouden.

  • Iemand die graag lacht

Vroeger kreeg ik vaak te horen dat ik iemand was die graag lacht, vaak de slappe lach had. Ook dat is (gelukkig) nog niet veranderd. Een droge opmerking of stom geluidje en ik ben vertrokken soms. Ik lach veel en graag. Maar dat hoef ik ook niet als iets negatiefs te zien. Lachen is gezond 😉

Welke dingen zijn er altijd gebleven van jouw kindertijd?

Geef een reactie

2 thoughts on “Kleine meisjes worden groot | Wat bleef altijd?

  1. Haha dat laatste heb ik ook. Ik zit soms om de stomste dingen te lachen en dat mijn vriend dan vraagt waar ik mee lach. Gewoon :p Als mensen mij vroeger moesten beschrijven was dat ook wat altijd terugkwam: Irene = lachen.

    1. Ik ook! Zo herkenbaar je reactie. Mensen kijken me vaak heel onnozel aan omdat ik na vijf minuten nog steeds om hetzelfde zit te lachen. Maar lachen is gezond. En ’t maakt het leven beter! Leve lachebekjes zoals wij 🙂

%d bloggers liken dit: